De inwerkingtreding van de Wet bescherming klokkenluiders (Wbk) heeft de juridische eisen voor werkgevers in Nederland aanzienlijk aangescherpt. Alle werkgevers in de private sector met 50 of meer werknemers zijn wettelijk verplicht een veilige, onafhankelijke en vertrouwelijke interne meldregeling in te richten. Voor middelgrote ondernemingen (50 tot 249 werknemers) liep de overgangsperiode af op 17 december 2023, waardoor de wet thans onverkort voor hen geldt. Daarnaast geldt de meldplicht ongeacht het aantal werknemers voor ondernemingen in de financiële sector (Wft), de offshore energiesector, de burgerluchtvaart en entiteiten die vallen onder de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme (Wwft). In de publieke sector moeten alle ministeries, provincies, gemeenten, waterschappen en publiekrechtelijke zelfstandige bestuursorganen over een operationeel meldkanaal beschikken. Cruciaal in het Nederlandse arbeidsrecht is artikel 27, eerste lid, onderdeel m van de Wet op de ondernemingsraden (WOR): het vaststellen, wijzigen of intrekken van een meldregeling vereist de voorafgaande schriftelijke instemming van de ondernemingsraad (OR). Een regeling die zonder deze instemming wordt ingevoerd, is van rechtswege nietig. Het niet naleven van de verplichtingen stelt de organisatie bloot aan sancties van het Huis voor Klokkenluiders, handhaving door de Nederlandse Arbeidsinspectie (NLA) en aanzienlijke civiele aansprakelijkheid bij de kantonrechter wegens schending van het benadelingsverbod.
Het wetgevend kader : Van de Wet Huis voor klokkenluiders naar de Wbk
De Nederlandse klokkenluiderswetgeving heeft de afgelopen jaren een fundamentele transformatie ondergaan. De eerdere Wet Huis voor klokkenluiders uit 2016 bood weliswaar een eerste kader voor het melden van misstanden, maar schoot in de praktijk tekort qua rechtsbescherming, reikwijdte en handhavingsmechanismen. Met de aanname van de Wet bescherming klokkenluiders (Wbk) op 20 december 2022 door de Eerste Kamer en de publicatie in het Staatsblad (Stb. 2023, 33) heeft Nederland Richtlijn (EU) 2019/1937 geïmplementeerd.
De Wbk introduceert drie wezenlijke vernieuwingen ten opzichte van het oude recht :
- Uitbreiding van het materiële toepassingsbereik : Naast schendingen van het Unierecht vallen ook misstanden van maatschappelijk belang die het Nederlandse nationale recht raken onder de volledige wettelijke bescherming ;
- Versterking van het benadelingsverbod : Artikel 17a Wbk verbiedt elke vorm van benadeling van de melder, met inbegrip van ontslag, schorsing, demotie, onthouding van promotie, overplaatsing, intimidatie of uitsluiting ;
- Omkering van de bewijslast : Zodra een werknemer aantoont dat hij een melding heeft gedaan en nadeel heeft ondervonden, wordt vermoed dat de benadeling het gevolg is van de melding. De werkgever moet voor de rechter onomstotelijk bewijzen dat de maatregel op zuiver zakelijke, objectieve gronden berust.
Het opzetten van een meldkanaal is derhalve geen vrijblijvende integriteitsoefening, doch een strikte formele voorwaarde om aansprakelijkheid en bestuurlijke interventie te vermijden.
Wie is verplicht in de private sector : Berekening van de 50-werknemersdrempel
In het private bedrijfsleven is de centrale norm neergelegd in artikel 2, eerste lid van de Wbk. Werkgevers die doorgaans ten minste 50 werknemers in dienst hebben, moeten een interne procedure voor het melden van een vermoeden van een misstand vaststellen.
Wat telt mee als werknemer?
De berekening van het werknemersaantal leidt in de praktijk regelmatig tot misverstanden. De wetgever hanteert een ruim werknemersbegrip dat aansluit bij de sociaalrechtelijke realiteit en de rechtspraak van de Hoge Raad :
- Werknemers met een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd : Tellen volledig mee als één eenheid, ongeacht of zij voltijds of deeltijds werkzaam zijn ;
- Werknemers met een contract voor bepaalde tijd : Tellen mee voor de duur van hun dienstverband. Werknemers die gedurende het voorafgaande kalenderjaar meerdere opeenvolgende tijdelijke contracten hebben gehad, worden conform de reguliere WOR-systematiek meegewogen ;
- Uitzendkrachten en payrollkrachten : Artikel 2, tweede lid Wbk bepaalt uitdrukkelijk dat ter beschikking gestelde arbeidskrachten (zoals uitzendkrachten en gedetacheerden) meetellen bij de inlenende onderneming zodra zij ten minste 24 maanden werkzaam zijn binnen de organisatie, dan wel zodra zij structureel deel uitmaken van de bedrijfsvoering ;
- Oproepkrachten (nulurencontracten en min-maxcontracten) : Tellen mee als werknemer indien zij geregeld werkzaamheden verrichten binnen de onderneming, waarbij aangesloten wordt bij het rechtsvermoeden van de arbeidsomvang (artikel 7:610b Burgerlijk Wetboek) ;
- Stagiairs en vrijwilligers : Stagiairs met een stageovereenkomst die een vergoeding ontvangen die meer dan symbolisch is, alsmede betaalde vrijwilligers, worden meegerekend voor zover zij arbeid onder gezag verrichten.
Zelfstandigen zonder personeel (zzp'ers) en externe adviseurs met een overeenkomst van opdracht (artikel 7:400 BW) tellen niet mee voor het bepalen van de drempel van 50 werknemers. Echter, zodra de werkgever op grond van zijn overige personeelsbestand verplicht is een meldregeling te hebben, hebben deze zzp'ers en opdrachtnemers wel het volledige wettelijke recht om van het meldkanaal gebruik te maken en genieten zij dezelfde bescherming tegen benadeling.
De peildatum en het referentiekader
De wet hanteert de formulering "doorgaans ten minste 50 werknemers". Dit betekent dat tijdelijke pieken in het personeelsbestand (bijvoorbeeld seizoensarbeid in de agrarische sector of horeca) niet onmiddellijk tot een permanente meldplicht leiden indien het gemiddelde over het kalenderjaar onder de 50 blijft. Omgekeerd kan een onderneming die structureel rond de 48 tot 52 medewerkers schommelt, zich niet aan de wet onttrekken door op een willekeurige peildatum net onder de 50 te duiken. De arbeidsrechtelijke jurisprudentie vereist een representatieve beoordeling over een aaneengesloten periode van twaalf maanden.
Gefaseerde inwerkingtreding : Geen uitstel meer mogelijk
De wetgever had een gefaseerd overgangsregime vastgesteld :
- Grote werkgevers (250 of meer werknemers) : Moesten reeds op 18 februari 2023 volledig voldoen aan alle bepalingen van de Wbk ;
- Middelgrote werkgevers (50 tot 249 werknemers) : Kregen ingevolge artikel 22 Wbk uitstel tot 17 december 2023 voor het inrichten van het interne meldkanaal.
Aangezien deze datum inmiddels ruimschoots verstreken is, bevindt elke werkgever in Nederland met 50 of meer werknemers die thans nog geen conforme meldregeling heeft ingericht, zich in een situatie van actuele wetsovertreding.
Vrijstelling van de drempel : Sectoren met een directe meldplicht (Zero-Threshold)
Een cruciaal element van de Wbk is dat bepaalde werkgevers verplicht zijn een intern meldkanaal operationeel te hebben, ongeacht hoeveel werknemers zij in dienst hebben. Zelfs een kantoor met slechts twee of drie medewerkers valt onder de wet indien de activiteiten onder specifieke Europese regelgeving vallen :
De financiële sector (Wft en aanverwante wetgeving)
Ingevolge artikel 2, eerste lid, onderdeel b Wbk geldt de verplichting voor alle financiële ondernemingen in de zin van de Wet op het financieel toezicht (Wft). Dit omvat onder meer :
- Banken en kredietinstellingen ;
- Beleggingsondernemingen en beheerders van beleggingsinstellingen (AIFMD en UCITS) ;
- Levensverzekeraars, schadeverzekeraars en herverzekeraars (Solvency II) ;
- Betaalinstellingen en elektronischgeldinstellingen ;
- Premiepensioeninstellingen (PPI's) en pensioenfondsen.
Deze instellingen vallen onder het dubbele toezicht van De Nederlandsche Bank (DNB) en de Autoriteit Financiële Markten (AFM). Het ontbreken van een klokkenluidersprocedure vormt tevens een overtreding van de regels voor beheerste en integere bedrijfsvoering.
Voorkoming van witwassen en terrorismefinanciering (Wwft)
Instellingen die kwalificeren als poortwachters onder de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme (Wwft) moeten beschikken over een meldkanaal. Dit betreft accountantsorganisaties, belastingadviseurs, notarissen, advocatenkantoren voor zover zij specifieke transacties begeleiden, trustkantoren en aanbieders van cryptodiensten (zoals wisseldiensten tussen virtuele valuta en fiduciaire valuta).
Burgerluchtvaart en maritieme veiligheid
Ondernemingen die werkzaam zijn in de civiele luchtvaart (luchtvaartmaatschappijen, grondafhandelaren, onderhoudsbedrijven conform Verordening (EU) nr. 376/2014) en scheepvaartondernemingen die vallen onder internationale maritieme veiligheidsvoorschriften moeten een intern meldsysteem aanbieden ongeacht hun personeelsomvang.
Offshore olie- en gasactiviteiten en milieubescherming
Exploitanten van offshore olie- en gasinstallaties in de Noordzee vallen onder Richtlijn 2013/30/EU en zijn gehouden aan strenge veiligheidsmeldregelingen voor werknemers en aannemers op productieplatforms.
Verplichtingen in de publieke sector
In de publieke sector geldt de drempel van 50 werknemers in beginsel niet. Artikel 2, eerste lid, onderdeel a Wbk legt de verplichting op aan alle overheidslichamen en publiekrechtelijke entiteiten :
Overheidsorganisaties en bestuursorganen
- De Staat der Nederlanden : Alle ministeries, daaronder ressorterende directoraten-generaal, inspecties en agentschappen (zoals Rijkswaterstaat, de Belastingdienst en het CJIB) ;
- Decentrale overheden : Alle 342 Nederlandse gemeenten, de 12 provincies en de 21 waterschappen ;
- Gemeenschappelijke regelingen : Regionale uitvoeringsdiensten (RUD's / omgevingsdiensten), veiligheidsregio's en openbare lichamen ingesteld krachtens de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr) ;
- Zelfstandige bestuursorganen (ZBO's) : Zowel publiekrechtelijk als privaatrechtelijk vormgegeven ZBO's, waaronder het UWV, de Sociale Verzekeringsbank (SVB), het CBR en de Kamer van Koophandel (KVK) ;
- Rechterlijke macht en politie : De Raad voor de rechtspraak, de gerechten, het Openbaar Ministerie en de Nationale Politie.
Onderwijs- en zorginstellingen
Onderwijsinstellingen (van primair onderwijs tot universiteiten) en zorginstellingen die gefinancierd worden uit publieke middelen (Zorgverzekeringswet of Wet langdurige zorg) kwalificeren doorgaans als werkgevers met meer dan 50 werknemers en zijn uit dien hoofde verplicht tot het inrichten van een meldkanaal. Bovendien stellen de Inspectie van het Onderwijs en de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) specifieke governance-eisen aan de integriteitsinfrastructuur.
De rol van de Ondernemingsraad : Het instemmingsrecht ex artikel 27 WOR
Een uniek en uitermate dwingend aspect van het Nederlandse rechtssysteem is de medezeggenschap. Werkgevers kunnen niet eenzijdig een klokkenluidersregeling afkondigen of aanpassen.
Artikel 27, eerste lid, onderdeel m WOR
De Wet op de ondernemingsraden bepaalt in artikel 27, eerste lid, onderdeel m dat de ondernemer de voorafgaande schriftelijke instemming behoeft van de ondernemingsraad voor elk voorgenomen besluit tot het vaststellen, wijzigen of intrekken van :
Artikel 27, eerste lid, onderdeel m WOR : "...een regeling omtrent het omgaan met het melden van een vermoeden van een misstand..."
De juridische sanctie : Nietigheid van het bestuursbesluit
Indien de directie een meldregeling invoert zonder de OR om instemming te vragen, of nadat de OR instemming heeft geweigerd en de kantonrechter geen vervangende toestemming heeft verleend (artikel 27, vierde lid WOR), is het besluit van de ondernemer nietig. De ondernemingsraad kan binnen een maand na het bekend worden van het besluit schriftelijk een beroep doen op deze nietigheid (artikel 27, vijfde lid WOR).
De gevolgen van deze nietigheid zijn verstrekkend :
- De regeling heeft geen enkele rechtskracht jegens de werknemers ;
- De ondernemer kan werknemers niet verplichten de in de regeling opgenomen meldroutes te volgen ;
- Een werknemer die een melding doet buiten de nietige regeling om (bijvoorbeeld direct extern bij het Huis voor Klokkenluiders), behoudt desalniettemin zijn volledige wettelijke klokkenluidersbescherming ;
- De OR kan via de kantonrechter vorderen dat de ondernemer zich onthoudt van toepassing van de regeling, op verbeurte van een dwangsom.
Ondernemingen met een Personeelsvertegenwoordiging (PVT)
Voor kleinere ondernemingen (10 tot 50 werknemers) die vrijwillig een personeelsvertegenwoordiging (PVT) hebben ingesteld of die onder een sectorale zero-threshold vallen, geldt op grond van artikel 35c WOR een adviesrecht dan wel overlegrecht over de vaststelling van de meldprocedure.
Jurisprudentie van de kantonrechter over geschillen rondom de meldregeling
In de Nederlandse rechtspraak (onder meer van de Rechtbank Amsterdam en de Rechtbank Rotterdam) is herhaaldelijk bevestigd dat een werkgever die de instemmingsprocedure negeert, zich schuldig maakt aan ernstig verwijtbaar handelen. Wanneer de OR bezwaar maakt tegen onvoldoende waarborgen voor externe onafhankelijkheid van de meldcoördinator of tegen het ontbreken van anonieme meldmogelijkheden, honoreert de kantonrechter het standpunt van de OR. De werkgever kan de invoering van het kanaal pas doorzetten nadat hij constructief tegemoet is gekomen aan de privacy- en integriteitsbezwaren van de werknemersvertegenwoordiging.
Reikwijdte van de bescherming : Wie mag melden?
Artikel 1 van de Wbk definieert de "melder" in uitzonderlijk brede termen. De bescherming is geenszins beperkt tot personeel in vaste loondienst :
- Huidige en voormalige werknemers : Zowel personeel in actieve dienst als ex-werknemers die na beëindiging van het dienstverband misstanden rapporteren die zij tijdens hun werkzaamheden hebben waargenomen ;
- Sollicitanten : Personen die tijdens sollicitatiegesprekken of precontractuele onderhandelingen stuiten op strafbare feiten of ernstige veiligheidsschendingen ;
- Zelfstandigen zonder personeel (zzp'ers) : Freelancers, aannemers van werk en consultants die op basis van een zakelijke overeenkomst voor de organisatie werken ;
- Vrijwilligers en stagiairs : Ongeacht of zij een financiële beloning ontvangen ;
- Aandeelhouders en bestuurders : Leden van de raad van bestuur, raad van commissarissen of aandeelhouders die toezichthoudende taken uitoefenen ;
- Werknemers van toeleveranciers en onderaannemers : Personeel van externe partijen die diensten leveren op de locatie van de opdrachtgever.
Deze brede kring brengt met zich mee dat het interne meldkanaal technisch en operationeel toegankelijk moet zijn voor personen die niet beschikken over een intern e-mailadres of toegang tot het bedrijfsintranet.
Handhaving en sancties bij niet-naleving
Het niet voldoen aan de verplichtingen uit de Wbk leidt tot aanzienlijke juridische en financiële risico's voor de onderneming en haar leidinggevenden :
Bevoegdheden van het Huis voor Klokkenluiders
De afdeling onderzoek van het Huis voor Klokkenluiders heeft de wettelijke bevoegdheid om op verzoek van een melder of op eigen initiatief een onderzoek in te stellen naar de bejegening van de melder en de aanwezigheid van een deugdelijk meldsysteem. De rapporten van het Huis worden in beginsel openbaar gemaakt, hetgeen aanzienlijke reputatieschade teweegbrengt.
Toezicht door de Nederlandse Arbeidsinspectie (NLA)
De Arbeidsinspectie ziet toe op de naleving van de arbeidsomstandighedenwetgeving en psychosociale arbeidsbelasting (PSA). Het ontbreken van een veilige integriteitsprocedure wordt beschouwd als een tekortkoming in het zorgdragen voor een veilige werkomgeving, wat kan resulteren in bestuurlijke waarschuwingen, lasten onder dwangsom of bestuurlijke boetes.
Civiele aansprakelijkheid en billijke vergoeding
Indien een werkgever een melder benadeelt (bijvoorbeeld door beëindiging van de arbeidsovereenkomst via opzegging of ontbinding), staat de rechterlijke macht klaar met zware sancties. Op grond van artikel 7:671c en 7:681 van het Burgerlijk Wetboek kan de kantonrechter het ontslag vernietigen of een hoge billijke vergoeding toekennen wegens ernstig verwijtbaar handelen van de werkgever. In recente Nederlandse rechtspraak lopen deze vergoedingen op tot vele tienduizenden of zelfs honderdduizenden euro's, te vermeerderen met de transitievergoeding en volledige proceskostenveroordelingen.
De rol van de vertrouwenspersoon en het Wetsvoorstel verplichte vertrouwenspersoon
In Nederland bestaat een sterke traditie van interne en externe vertrouwenspersonen voor ongewenste omgangsvormen en integriteit. Met de behandeling van het initiatiefwetsvoorstel van Tweede Kamerlid Van Kent tot wijziging van de Arbeidsomstandighedenwet (verplichte vertrouwenspersoon) wordt de aanstelling van een vertrouwenspersoon verplicht voor alle werkgevers met ten minste 10 werknemers. De Wbk sluit hier nauw bij aan : de vertrouwenspersoon kan fungeren als de laagdrempelige gids die de potentiële melder informeert over de formele Wbk-procedure, zonder zelf de rol van onderzoeker te vervullen.
Vergelijkingstabel : Wie is verplicht onder de Wbk?
Een overzicht van de verplichtingen naar type organisatie in Nederland :
| Type Organisatie | Criterium / Drempel | Wettelijke Grondslag | Medezeggenschap (OR) |
|---|---|---|---|
| Grote private ondernemingen | 250 of meer werknemers (peiljaar). | Art. 2 lid 1 Wbk (vanaf 18 feb 2023) | Instemmingsrecht ex art. 27 lid 1 sub m WOR. |
| Middelgrote private ondernemingen | 50 tot 249 werknemers (peiljaar). | Art. 2 lid 1 Wbk (vanaf 17 dec 2023) | Instemmingsrecht ex art. 27 lid 1 sub m WOR. |
| Financiële instellingen (Wft) | Elke omvang (ook <50 werknemers). | Art. 2 lid 1 sub b Wbk ; Wft | Instemmingsrecht OR (indien OR aanwezig). |
| Wwft-instellingen | Elke omvang (advocatuur, trust, crypto). | Art. 2 lid 1 sub b Wbk ; Wwft | Instemmingsrecht OR of overleg PVT. |
| Burgerluchtvaart & Offshore | Elke omvang (veiligheidsregelgeving EU). | Art. 2 lid 1 sub b Wbk ; Bijlage II | Instemmingsrecht OR ex art. 27 WOR. |
| Rijksoverheid & Ministeries | Alle bestuursorganen van de Staat. | Art. 2 lid 1 sub a Wbk | Instemming departementale medezeggenschap. |
| Gemeenten, Provincies & Waterschappen | Alle decentrale overheden ongeacht inwonertal. | Art. 2 lid 1 sub a Wbk | Instemming ambtelijke medezeggenschap (OR). |
Praktische stappen voor implementatie en compliance
Werkgevers die moeten voldoen aan de Wbk dienen de volgende routekaart te volgen :
- Voer een personeelsaudit uit : Breng exact in kaart hoeveel vaste krachten, tijdelijke krachten, uitzendkrachten en stagiairs werkzaam zijn binnen alle entiteiten van de groep ;
- Stel een concept-meldregeling op : Zorg voor een juridisch sluitende tekst die voldoet aan de eisen van artikel 2 Wbk, met inbegrip van termijnen (7 dagen en 3 maanden), onafhankelijke functionarissen en waarborgen voor vertrouwelijkheid ;
- Start tijdig het OR-traject : Dien een formele instemmingsaanvraag in bij de ondernemingsraad conform artikel 27 WOR, vergezeld van alle technische en functionele documentatie ;
- Selecteer een gecertificeerde SaaS-oplossing : Implementeer een digitaal meldplatform zoals UNOVOX dat end-to-end encryptie, anonieme tweewegcommunicatie en scheiding van beheerdersrollen waarborgt ;
- Wijs onafhankelijke meldcoördinatoren aan : Benoem functionarissen die een autonome positie bekleden (zoals compliance officers of externe vertrouwenspersonen) en zorg voor aantoonbare training.
Veelgestelde vragen (FAQ)
Telt een holding met 10 dochterbedrijven van elk 15 werknemers als één werkgever?
In het Nederlandse recht geldt het werkgeversbegrip in beginsel per juridische entiteit (de rechtspersoon die de arbeidsovereenkomst heeft gesloten). Echter, indien er sprake is van een concern waarin het personeelsbeleid centraal wordt vastgesteld en er een centrale ondernemingsraad (COR) functioneert, kan de Wbk concernbreed worden toegepast, mits voldaan is aan de vereisten voor concernmeldkanalen onder het Unierecht.
Wat gebeurt er als de ondernemingsraad weigert in te stemmen met de meldregeling?
Indien de OR instemming weigert, kan de werkgever niet overgaan tot invoering. De werkgever kan zich op grond van artikel 27, vierde lid WOR wenden tot de kantonrechter met het verzoek om vervangende toestemming. De kantonrechter verleent deze toestemming slechts indien de weigering van de OR onredelijk is of zwaarwegende bedrijfseconomische redenen het besluit vergen.
Moet een advocatenkantoor met 8 medewerkers een meldregeling hebben?
Ja, indien het kantoor werkzaamheden verricht die vallen onder de reikwijdte van de Wwft (zoals het adviseren over of begeleiden van aan- en verkoop van onroerend goed, vennootschappen of vermogensbeheer). In dat geval geldt de meldplicht ongeacht het aantal medewerkers.
Mag een werkgever volstaan met een postbus of een gewoon e-mailadres?
Nee. Een gewoon e-mailadres (zoals integriteit@bedrijf.nl) voldoet niet aan de eisen van de Wbk en de AVG, aangezien IT-beheerders en systeembeheerders toegang kunnen krijgen tot de berichten. Er moet sprake zijn van een aantoonbaar beveiligd, versleuteld systeem dat vertrouwelijkheid en anonimiteit garandeert.
Kunnen uitzendkrachten direct melding doen bij de inlenende organisatie?
Ja. Artikel 1 van de Wbk omvat eenieder die in een werkgerelateerde context werkzaamheden verricht. Uitzendkrachten hebben het recht te melden bij de inlenende organisatie waar de misstand plaatsvindt én genieten daar volledige bescherming tegen benadeling.
Welke sancties kan het Huis voor Klokkenluiders opleggen aan een werkgever?
Het Huis voor Klokkenluiders kan bindende aanbevelingen doen en openbare onderzoeksrapporten publiceren. Tevens kan de afdeling onderzoek misstanden doorgeleiden naar het Openbaar Ministerie of toezichthouders zoals de NLA of de AFM voor bestuurlijke beboeting.
Is een meldregeling vereist voor kleine gemeenten met minder dan 10.000 inwoners?
Ja. In Nederland geldt voor overheidswerkgevers geen ondergrens. Alle 342 gemeenten, hoe klein ook, moeten beschikken over een conforme interne meldregeling voor hun ambtenaren en ingehuurde krachten.
Wat is het verschil tussen een klachtenregeling ongewenste omgangsvormen en een Wbk-meldregeling?
Een klachtenregeling voor ongewenste omgangsvormen (pesten, discriminatie, seksuele intimidatie) richt zich op interpersoonlijke conflicten en individuele arbeidsomstandigheden (Arbowet). Een Wbk-regeling heeft betrekking op misstanden van maatschappelijk belang (strafbare feiten, gevaar voor volksgezondheid, milieu of schending van EU-recht). Beide procedures kunnen echter in één geïntegreerd portaal worden ondergebracht.
Kan een melder direct naar het Huis voor Klokkenluiders stappen zonder intern te melden?
Onder de Wbk is de strikte verplichting om eerst intern te melden afgeschaft. Een werknemer mag direct extern melden bij het Huis voor Klokkenluiders of een andere bevoegde autoriteit, al stimuleert de wetgever waar mogelijk de interne route.
Hoe lang moeten de gegevens van een afgehandelde melding worden bewaard?
Ingevolge artikel 17e Wbk worden meldingen geregistreerd in een register. De gegevens mogen niet langer worden bewaard dan noodzakelijk is en maximaal tot vijf jaar na de afronding van de procedure, waarna veilige vernietiging conform de AVG moet plaatsvinden.
Richt een Wbk-conform meldkanaal in met UNOVOX
UNOVOX biedt een gecertificeerd klokkenluidersplatform met end-to-end encryptie, volledige ondersteuning voor anonieme meldingen, ISO 27001-beveiliging en kant-en-klare templates voor de instemmingsaanvraag bij de ondernemingsraad.